shop.global.1
open water header image

Zwemmen in open water – veilig in de zee, rivier en in het meer

Het opvolgen van de juiste zwemregels redt levens. Bij het zwemmen in open wateren moet er op enige bijzonderheden worden gelet. Dit artikel geeft algemene veiligheidstips voor het zwemmen in open water, informatie over de risico’s met kinderen en waarom het zo belangrijk is om goed op de hoogte te zijn van de EHBO-regels.

Algemene veiligheidstips

Verschillende wateren gaan ook gepaard met verschillende gevaren. Het zwemmen in open wateren zoals zeeën, meren of rivieren is een hele andere uitdaging dan de bewaakte en verwarmde baden in het zwembad. De lagere watertemperaturen in open water kosten veel energie. Het gevaar dat je jezelf dan verkeerd inschat is erg groot. Daarom zijn er speciale regels voor het zwemmen in open water opgesteld, zodat ook hier het zwemmen veilig blijft.

  • Ga alleen op bewaakte plekken zwemmen.
  • Let goed op de borden ter plaatse. Zij informeren jou uitvoerig met welke mogelijke gevaren rekening te houden is. Ook de inlandse vakmensen (bijvoorbeeld de mensen van de reddingsbrigade) geven informatie over mogelijke gevaren en noodoproepen. Je kunt ze aan de kleding herkennen.
  • Overtreed geen regels.
  • Als je warm bent van de zon, neem dan eerst even een korte rust voordat je het water ingaat. Ga als het mogelijk is eerst even snel douchen. Ga heel langzaam in het water zodat je lichaam aan de koude watertemperatuur kan wennen. Maak bijvoorbeeld eerst je armen en bovenlichaam wat nat met je handen, voordat je helemaal het water ingaat.
  • Ook als het meerdere dagen achter elkaar heel warm is geweest, heeft meestal alleen de wateroppervlakte een aangenaam warme temperatuur. Diepe wateren, zoals baggermeren, zijn desondanks nog koud. Dat kan tot onderkoeling lijden en levensgevaarlijke krampen tot gevolg hebben.
  • Beoordeel je eigen kunnen en doe niet meer dan dat je kunt.
  • Spring niet in onbekend water. Een duik in de oevers en ondiep water kunnen levensgevaarlijk zijn. Spring alleen op de aangegeven plekken in het water.
  • Het is verboden om daar te zwemmen, waar boten en schepen varen.
  • Ga niet direct na het eten in het water en drink geen alcohol als je nog wilt gaan zwemmen.
  • Verlaat bij onweer meteen het water en ook het strand.

Stromingen – het onzichtbare gevaar

Stromingen zijn één van de grootste gevaren bij het zwemmen in zee of in open water – ook voor ervaren zwemmers. Vooral aan de kust zorgen het getij of de wind voor een continue verandering van de stroomrichting en -sterkte. Als je in een stroming terechtkomt, blijf dan rustig en zwem altijd in een kruislingse richting van de stroming. Op deze manier kom je het best uit de stroming en kan je veilig naar de oever zwemmen. Zwem altijd met de stroming mee, ook als dit het verste weg is.

Gevaren bij het zwemmen in rivieren

Vooral in rivieren is met sterke stromingen te rekenen. Zo kunnen ondiepe gronden, vaargeulen en brugpijlers de stroming onvoorspelbaar beïnvloeden, waardoor er een gevaarlijke zuigwerking ontwikkeld kan worden. Drijfgoed en andere onzichtbare voorwerpen onder water vormen nog een extra risico. Bovendien zijn rivieren vaak duidelijk kouder dan meren, omdat ze langzamer opwarmen. Daarom is het gevaar op een onderkoeling erg hoog. Alleen als je een ervaren zwemmer bent is de rivier een geschikte zwemplek. Beginnende zwemmers moeten het zwemmen in rivieren absoluut vermijden. En als je al in een rivier gaat zwemmen, moet je goed opletten of het überhaupt toegestaan is om in die rivier op die plek te gaan zwemmen. Verboden is het in de vaarweg van rivieren, kanalen, de omgeving van wachtplaatsen of afmeerplekken voor schepen. Ook geldt er een verbod om te zwemmen in de nabije omgeving van bruggen, sluizen, stuwen of gebieden waar toestemming is om snel te varen. Havens en plekken, waar specifiek staat aangegeven dat je daar niet mag zwemmen gelden ook onder het verbod. Wie toch in deze verboden gebieden gaat zwemmen kan een boete van € 140 riskeren.

Gevaren bij zwemmen in stilstaand water


Kinderen met vader aan het meer

Vijvers en meren bieden veel plezier maar nemen ook risico’s met zich mee. Het gevaar ontstaat hier door steil aflopende oevers, zompige ondergronden of waterplanten. Bij grindgroeven en baggermeren bestaat het gevaar dat de oever wegglijdt. Om ongelukken te vermijden, kun je je het best van tevoren over de gevaren laten informeren. In stilstaande wateren groeien vaak lange planten tot dicht aan de wateroppervlakte. Word je door deze planten verrast, breekt er snel paniek uit. Blijf rustig wanneer je in de planten blijft hangen en roep luid om hulp, zodat de andere badgasten van jouw situatie op de hoogte raken en je kunnen helpen. Probeer het zwemmen in meren met veel planten waar mogelijk te vermijden.

Gevaren bij zwemmen in de zee

Baden en zwemmen in zeeën is risicovoller dan in binnenwateren. De zeebodem veranderd continue. Er ontstaan zandbanken, die na korte tijd alweer verdwijnen en voor grote dieptes zorgen. Zonder vaste bodem onder de voeten kan een plotselinge kramp levensgevaarlijk zijn. Daarbovenop komen de wind en stroming en niet te vergeten de invloed van het weer. Omgeslagen wind kan in een korte tijd een sterke golfslag veroorzaken en ook voor ervaren zwemmers een gevaar worden. Om in de zee te kunnen zwemmen is veel meer kracht en een veel sterkere lichaamsbeheersing nodig dan voor het rustige water in het zwembad. Let daarom altijd op de veiligheidsvlaggen. Ook windzakken geven de juiste informatie voor jouw veiligheid. Ze geven aan wanneer de wind van het land richting de zee waait. Daardoor wordt het gevaar voor het afdrijven van bijvoorbeeld luchtbedden erg hoog. In het buitenland is het goed om bij mensen zoals het hotelpersoneel, de reisleider of bij de reddingsbrigade naar de daar geldige regels en mogelijke gevaren te vragen.

de rode vlag duidt op een algeheel zwemverbod.

De betekenis van de strandvlaggen

Om strandbezoekers en badgasten over de actuele gevaren in het water te informeren, gebruiken veel landen een vlaggensysteem waarmee de gevaren aangeduid kunnen worden.

  • De oranje windzak: baden en zwemmen is toegestaan, maar vanwege het risico om af te drijven, mogen er geen drijvende voorwerpen worden gebruikt.
  • De gele vlag: bij deze vlag is het gevaarlijk om te gaan zwemmen en ook hier zijn drijvende voorwerpen verboden.
  • De rode vlag: nu is het echt verboden om in de zee te gaan zwemmen of baden.
  • De roodgele vlaggen: tussen deze vlaggen is het gebied bewaakt en wordt het strand door strandwachters in de gaten gehouden. De beoefening van watersporten is in dit gebied verboden.
  • De zwart-witgeblokte vlaggen: in dit gebied is watersport toegestaan, maar baden is hier verboden.
  • De vraagtekenvlag: hier is er een kind gevonden.

Zee-egels, kwallen & Co. – dierlijke zeebewoners en hun gevaren

Aan bijna elke zeekust leven zee-egels. Hun broze stekels breken snel af en kunnen voor verwondingen zorgen. Bescherming bieden waterschoenen met een vaste zool, die ook tegen scherven en scherpe voorwerpen beschermen. Tegen kwallen valt echter weinig te doen. Ook al zijn de kwallen in de Nederlandse zeeën relatief ongevaarlijk, toch veroorzaken ze een onaangenaam brandend gevoel. Kwallensoorten in de tropische wateren, zoals de kubuskwal, zijn daarentegen erg giftig en kunnen bij aanraking voor verlammingsverschijnselen zorgen. Op open zee kan dit tot een dodelijk einde lijden. Zwem niet in waters waar de kwallen op het strand liggen. Neem zwemverboden met betrekking tot een hoog kwallengehalte altijd serieus, ook als je zelf geen kwallen ziet liggen. In sommige regio’s kunnen zo nu en dan ook haaienalarmen afgegeven worden.

Tips voor de waterveiligheid van kinderen

Water trekt de meeste kinderen zeer sterk aan. Maar kinderen zijn nog niet in staat om de draagwijdte van hun handelen goed in te schatten. Daarom mogen ze bij het zwemmen nooit zonder toezicht alleen gelaten worden. Let er steeds goed op dat de actuele gezondheidstoestand van jouw kind goed genoeg is om te kunnen zwemmen. Ook als er een strandwachter aanwezig is, blijft de taak om goed en actief op de kinderen te letten altijd bij de ouders liggen. Vertrouw niet alleen op de strandwachter! Vooral op drukke stranden is zelfs voor goed geschoold personeel een noodtoestand niet altijd direct te herkennen. Ook oudere broers en zussen zijn niet geschikt om op hun jongere broertje of zusje te letten in het water.  Zorg dat je van tevoren een goed overzicht hebt over de mogelijke gevaren en de plaatselijke situatie. Leg je kind precies uit wat toegestaan en wat verboden is. Maar een verbod garandeert nog geen zekerheid. Spreek daarom regelmatig met je kind over de belangrijkste veiligheidsmaatregelen en gedragsregels. Vooral jongere kinderen onthouden het beter wanneer er sprake is van consequente herhaling in plaats van een eenmalig gesprek. Laat je kind voor het betreden van het water nog één keer uitleggen op welke regels hij/zij moet letten. Bespreek samen welke regels eventueel vergeten werden. De belangrijkste veiligheidstips vind je hier samengevat::

  • Niet in onbekende wateren zwemmen of plonsen.
  • Laat je kind alleen onder begeleiding van een volwassene zwemmen.
  • Houd vooral kleine kinderen in en bij het water goed in het oog. Zorg ervoor dat je altijd in staat bent om in te grijpen.
  • Voor het zwemmen langzaam afkoelen.
  • Haal bibberende kinderen meteen uit het water.
  • Let op de aangegeven zwemzones.
  • Laat je kind alleen in het water springen als het diep genoeg is of het bereik vrij is.
  • Grote kinderen elke keer dat je gaat zwemmen eerst in het water begeleiden en dan samen vastleggen, hoever ze het water in mogen gaan.
  • Laat vooral kleine kinderen in de branding nooit met hun rug naar het water staan. Ze kunnen gemakkelijk omvergeworpen worden en met hun hoofd in het water terecht komen.
  • Voldoende drinkwater bereid houden. Het zoute zeewater neemt veel vocht uit het lichaam weg. Regelmatig drinken houdt het vocht in je lichaam op peil.

Over het algemeen geldt: hoe eerder jouw kind zich vertrouwt voelt in de omgang met water, hoe beter. Tijdens de zwemlessen voor kinderen leren ze de belangrijkste algemene regels al.  Op z’n vroegst vanaf zwemdiploma A kan een kind als zeker in het water gezien worden.

Tips voor de omgang met waterspeeltjes

Opblaasbare speeltjes zoals banden, ballen, luchtbedden en waterdieren zijn geen veilige hulpmiddelen om mee te zwemmen. Ze kunnen zelfs snel tot een gevaar worden. In het spel kunnen de kinderen te diep in het water raken of afdrijven, vooral bij wind. Bij de val van een luchtbed in het water bestaat bovendien het risico van een shock door de kou. Ook zwembandjes en zwemgordels met drijvers bieden niet voor 100 procent bescherming. Vaak verliezen ze ongemerkt lucht of zijn ze niet strak genoeg aangebracht.

Wat te doen in geval van nood?

Verdrinkende mensen kunnen normaalgesproken niet om hulp roepen. Vooral in troebel water telt elke seconde. Als je een andere zwemmer ziet verdrinken, loop dan nooit onoverdacht of alleen in het water. Roep in plaats daarvan luid om hulp, zodat de andere gasten je kunnen ondersteunen en een noodroep uit kunnen roepen. Als een verdronkene gered wordt, moet er meteen met de mond-op-mondbeademing worden gestart. Wacht niet op de reddingsdiensten en probeer niet eerst het water uit de luchtweg te verwijderen.

Twee blonde jongetjes liggen met hun moeder in de zee.

Conclusie

Ook bij het zwemmen in open water wordt minstens een basiskennis van de EHBO verlangt, om in geval van nood snel en goed te kunnen reageren. Wie zich op tijd over de situatie ter plaatse informeert, loopt niet tegen onverwachte verrassingen aan. De inachtneming van de veiligheidsregels verkleint het risico op een ongeval aannemelijk. Verlies vooral kleine kinderen niet uit het oog wanneer ze in of aan het water spelen. Probeer geen eenzame of afgelegen stranden of meren uit te kiezen en let op een goede ontvangst op je telefoon, zodat je in het geval van nood ook iemand kunt bellen. Het noodnummer is in alle Europese landen 112[1]. En tot slot: als je er niet zeker van bent of het zwemmen zonder gevaar mogelijk is, ga dan niet.