Zelfvoorzienend – Jonge vrouw draagt haar oogst in een houten kistje.

De zelfvoorzienende moestuin: informatie over combinatieteelt en wisselteelt

Het hebben van een eigen tuin is fijn als terugtrekplek, maar is bovendien een paradijs voor iedereen die graag groente en fruit wil verbouwen. Vooral wanneer u over veel beplantbare grond beschikt, kan uw groente- en fruitoogst met de juiste planning en voorbereiding het hele jaar door voor genoeg oogst zorgen om zelfvoorzienend te leven. Zodat dit ook u gaat lukken, leest u hier veel nuttige tips, om een succesvolle zelfvoorzienende moestuin te creëren. We leggen uit hoe u uw tuin op de juiste manier beplant en waarop u moet letten bij combinatie- en wisselteelt.  

Moestuin voor beginners: Wat moet ik over een zelfvoorzienende tuin weten?

Wie graag zelf groente verbouwt droomt er vast van om zichzelf en het gezin van de oogst te kunnen laten leven. Wanneer u de passende (plek in de) tuin hebt gevonden om rijkelijk groente en fruit te verbouwen, moet u om te beginnen over de volgende vragen nadenken:

  • Hoeveel tijd heb ik om in het tuinieren te steken?
  • Welk teeltvlak staat me ter beschikking?
  • Welke groente- en fruitsoorten wil ik verbouwen?
  • Hoeveel personen wil ik graag met mijn oogst kunnen verzorgen en in welke hoeveelheden?
  • Hoeveel budget kan ik opbrengen?

Aan de hand van uw antwoorden kunt u als volgende stap uw groentebedden en de juiste beplanting plannen. Als beginner is het beter om met kleine stapjes te beginnen, om het overzicht te behouden. Het loont zich om maar met een of twee bedden te starten, waar u enkele groente- en fruitsoorten teelt.

Om erachter te komen hoeveel groente en fruit u in een bepaalde tijd gebruikt, is het handig om van tevoren al enkele weken bij te houden, welke en hoeveel groente en fruit u in deze tijd heeft gekocht. Aan de hand hiervan kunt u dan inschatten wat u ongeveer voor de komende maanden nodig zult hebben. Voor beginners is het handig om met behulp van deze lijst uit te vinden, welke groentes u het vaakst eet, zodat u deze in uw moestuin kunt opnemen.

AanwijzingVoor oudere mensen, gehandicapte mensen of voor mensen met alleen een balkon, is een verhoogde moestuinbak erg handig. Deze kunt u afhankelijk van de gekozen hoogte zittend of staand goed bijhouden.

AanwijzingVoor oudere mensen, gehandicapte mensen of voor mensen met alleen een balkon, is een verhoogde moestuinbak erg handig. Deze kunt u afhankelijk van de gekozen hoogte zittend of staand goed bijhouden.

De planning van uw groentebedden: info over de bebouwbare oppervlakte in uw zelfvoorzienende moestuin

Wanneer u een eerste plan heeft opgesteld hoeveel tijd u in de moestuin kunt steken en u weet hoeveel u nodig heeft, is de volgende stap om de aanleg van uw groentebedden te plannen.

De eigen tuin analyseren en hem in een zelfvoorzienende moestuin veranderen

Allereerst moet u uw tuin heel precies onder de loep nemen. Stel de licht-schaduwverhoudingen en de bodemgesteldheid vast. Om uw groente- en fruitgewassen zo succesvol mogelijk te telen, moeten uw bedden de volgende criteria vervullen:

  • Licht: Uw groenteperkjes moeten – wanneer mogelijk – naar het zuiden gericht zijn, zodat ze overdag veel zonlicht krijgen.
  • Gesteldheid: Vlak terrein is het meest geschikt, of als u de mogelijkheid heeft een licht zuidelijke helling. Bovendien moet uw perkje zoveel mogelijk uit de wind liggen.
  • Grond: Om succesvol groente te kunnen oogsten en uzelf ermee te voorzien, moet uw grond niet te zandig zijn maar ook niet te veel leem bevatten. Om de kwaliteit van uw grond te verbeteren kunt u het met rijpe compost mixen.
  • Irrigatie: Een geïnstalleerd irrigatiesysteem neemt u in de zomer veel werk uit handen, maar bedenk wel dat zulke installaties ook een prijskaartje hebben. Wanneer u liever geld wilt besparen, kunt u de perkjes het beste water geven met de tuinslang of gieter. Bovendien is het optimaal wanneer u het regenwater in een regenton opvangt en gebruikt voor het besproeien.

CheckOm de bodemgesteldheid van uw aarde te onderzoeken bestaat er een handig trucje: neem een handvol vochtige aarde, druk dit in uw vuist samen en probeer aansluitend om een rol te vormen. Wanneer het u zonder problemen lukt om een rol te vormen die niet kleverig is, heeft u een goede mix uit zand- en leemaandelen. Is uw rol te kleverig en vast, is er meer leem in de grond aanwezig. Wanneer de rol meteen weer uit elkaar valt, bezit uw aarde een groter zandaandeel.

CheckOm de bodemgesteldheid van uw aarde te onderzoeken bestaat er een handig trucje: neem een handvol vochtige aarde, druk dit in uw vuist samen en probeer aansluitend om een rol te vormen. Wanneer het u zonder problemen lukt om een rol te vormen die niet kleverig is, heeft u een goede mix uit zand- en leemaandelen. Is uw rol te kleverig en vast, is er meer leem in de grond aanwezig. Wanneer de rol meteen weer uit elkaar valt, bezit uw aarde een groter zandaandeel.

De benodigde bebouwbare oppervlakte voor verschillende maten aan zelfvoorzieningslandbouw

Zodat u uw perkje van alle kanten goed kunt bereiken en bewerken, moeten ze niet breder zijn dan 1,30 meter. Daarnaast is een rechthoekige vorm erg geschikt. Om alle perkjes goed met de kruiwagen te kunnen bereiken, moeten de hoofdwegen ongeveer een meter en de kleinere zijwegen minimaal 60 centimeter breed zijn. Om uit te vinden hoeveel oppervlakte u nodig heeft voor de teelt, hebben we verschillende maten aan zelfverzorging en de daartoe behorende teeltoppervlakten voor groenteperkjes, bessenstruiken en fruitbomen voor u samengevat:

Mate aan zelfvoorziening Teeltoppervlakte
Teelt van enkele groente- en fruitsoorten Teeltvlak hangt af van de gewenste groente-/fruitsoort (één perkje of een verhoogde moestuinbak op het balkon zijn bijv. genoeg)
Gedeeltelijke zelfvoorziening Vanaf 25 m2 per persoon
Overwegende zelfvoorziening Vanaf 70 m2 per persoon
Volledige zelfvoorziening Vanaf 160 m2 per persoon

Wisselteelt: de voedingsstoffen in de grond zo goed mogelijk gebruiken

Voor een volledige zelfverzorging moet u vier verschillende groentegewassen, een kruidenperkje en teeltvlakte voor bessenstruiken en fruitbomen inplannen. Om de voedingsstoffen in de bodem zo goed mogelijk te gebruiken, moet u op de wisselteelt letten en naar de volgende principes handelen:

Wisselteelt – informatiegrafiek over de wisselteelt in de moestuin.
  • Bed 1 – gewas dat veel voedingsstoffen onttrekt: Omdat deze gewassen veel voedingsstoffen nodig hebben, moet u het bed voor de beplanting goed met compost bemesten en de planten ook tijdens de groeifase regelmatig bemesten. Voorbeelden van deze gewassen zijn: tomaten*, komkommer, courgette, paprika, asperges, kool, aardappels, selderij of aubergine.
  • Bed 2 – gewas dat matig veel voedingsstoffen onttrekt: Hiervan moet de grond in de herfst met compost worden bemest. Voorbeelden van deze gewassen zijn: veldsla, rode bieten, snijbiet, salade, wortels, spinazie, uien, venkel of koolrabi.
  • Bed 3 gewas dat heel weinig voedingsstoffen onttrekt: Deze gewassen hebben maar heel weinig voedingsstoffen nodig om voor een succesvolle oogst te zorgen. Voorbeelden van deze gewassen zijn: keukenkruiden, tuinradijs/radijsjes, knoflook, rucola, erwten en bonen.
  • Beet 4 groenbemesting: De groenbemesting maakt de grond weer los en geeft hem een welverdiende pauze om weer nieuwe voedingsstoffen te verzamelen. Erg natuurvriendelijk is bijvoorbeeld een bijenvriendelijke groenbemesting.

De volgorde van de gewassen wisselt u dan in klokrichting van jaar tot jaar. Waar eerst de gewassen die veel voedingsstoffen onttrekken stonden, krijgt de bodem nu een pauze door de groenbemesting. De volgende gewassen die veel voedingsstoffen onttrekken worden in bed 2 geplant waar eerst de gewassen stonden die matig veel voedingsstoffen onttrekken. Deze verplaatsen naar bed 3 en de gewassen die heel weinig voedingsstoffen onttrekken verhuizen naar bed 4, waar voorheen de groenbemesting kon ontkiemen. Door de wisselteelt kan de grond zich steeds weer herstellen en uw gewassen krijgen de voedingsstoffen die ze nodig hebben.

Let opDoorlevende gewassen vormen een uitzondering van de wisselteelt. Rabarber moet bijvoorbeeld steeds op dezelfde plek blijven staan. Ook *tomaten kunnen enkele jaren op dezelfde plek groeien, voordat ze moeten wisselen. Aardbeien kunnen eveneens twee tot drie jaar op dezelfde plaats blijven.

Let opDoorlevende gewassen vormen een uitzondering van de wisselteelt. Rabarber moet bijvoorbeeld steeds op dezelfde plek blijven staan. Ook *tomaten kunnen enkele jaren op dezelfde plek groeien, voordat ze moeten wisselen. Aardbeien kunnen eveneens twee tot drie jaar op dezelfde plaats blijven.

Groente telen: het optimale gebruik van de ruimte door combinatieteelt en voorjaars- en najaarsteelt

Om uw groente bij het groeien en gedijen te ondersteunen, moet u niet alleen op de wisselteelt letten, maar ook op de principes van de combinatieteelt en u bedden door een geschikte voorjaars- en najaarsteelt optimaal benutten.

Wanneer u als beginner niet alles weet over de wisselteelt en combinatieteelt, kunt u onze grafiek als moestuinkalender gebruiken. Hier zijn de voorjaars- hoofd- en najaarsteelt overzichtelijk weergegeven.

Wanneer u als beginner niet alles weet over de wisselteelt en combinatieteelt, kunt u onze grafiek als moestuinkalender gebruiken. Hier zijn de voorjaars- hoofd- en najaarsteelt overzichtelijk weergegeven.

Combinatieteelt in uw zelfvoorzienende tuin

Combinatieteelt betekent dat u groentesoorten kiest, die goed met elkaar harmoniëren, elkaar versterken en ook ongedierte bij elkaar weg kunnen houden. Allereerst plant u welke gewassen u per se wilt telen en vervolgens zoekt u geschikte gewassen voor ernaast uit. En opsomming van goede en slechte buren in uw moestuin vindt u hier:

Voorjaars-, hoofd- en najaarsteelt in uw moestuin

Omdat de verschillende groente- en fruitsoorten ook andere voorwaarden nodig hebben om te kunnen groeien en ze verschillende rijptijden hebben, is het mogelijk om een moestuin tot drie keer per jaar met verschillende soorten te beplanten. U kunt de groentesoorten dan ook in drie categorieën indelen:

  • Planten die geschikt zijn in het voorjaar: Deze planten kunt u over het algemeen al in maart zaaien omdat ze tegen af en toe lichte vorst kunnen. Ze worden over het algemeen tussen midden mei en begin juni geoogst. Hiertoe behoren bijv.: tuinradijs/radijsjes, rapen, verschillende salades, wortels, verschillende kruiden.
  • Planten die geschikt zijn als hoofdteelt: Vanaf midden mei kunt u de groentegewassen planten, waarvan u de grootste oogst verwacht. Ze groeien dan in de warme zomermaanden. Hiertoe behoren bijv.: komkommers, tomaten, courgette, pompoen, andijvie en verschillende koolsoorten.
Combinatieteelt – informatiegrafiek met goede en slechte buren in uw moestuin.
  • Planten die geschikt zijn in het najaar: Deze groentesoorten gedijen het beste bij lagere temperaturen en kunnen daarom het beste later in het jaar worden geoogst. Echter kunt u ze beter al wel vast in juli/augustus zaaien, zodat u ze in de winter kunt oogsten. Hiertoe behoren bijv.: veldsla, prei, boerenkool, spinazie of spruitjes.

Wanneer u een voorbeeld of een moestuinkalender voor de voorjaars-, hoofd- en najaarsteelt zoekt, kunt u ook onze grafiek voor de wisselteelt gebruiken. Deze geeft namelijk een oriëntatie hoe u uw moestuin het beste kunt inrichten.

De oogst voor de winter conserveren: Groente en fruit langer houdbaar maken

Als zelfvoorziener richt u zich vooral naar de seizoenen en kunt u van de seizoenoogst genieten. Zodat u ook in de winter goed bent uitgerust, moet u hier al in de zomer over nadenken en enkele gewassen langer houdbaar maken. Daarvoor kunt u deze tips en methoden gebruiken:

  • Drogen: Sommige groente- en fruitsoorten maar ook keukenkruiden kunt u in de oven of met een uitdroogapparaat drogen. Geschikte groente- en fruitsoorten zijn bijv.: tomaten, courgette, aubergine, uien, knoflook, wortels, appels en pruimen.
  • Invriezen: Wanneer u groente en fruit op de juiste manier invriest, kunt u het lang bewaren en in de winter laten ontdooien wanneer u het wilt eten. Sommige soorten kunnen makkelijker worden ingevroren dan anderen. Erg geschikt zijn: bessen, steenvruchten, appel, peren, rabarber, paprika, wortels, courgette, erwten, bonen, koolsoorten, andijvie, boerenkool, snijbiet en spinazie.
  • Inkoken: Groente en fruit zoals erwten, bonen, wortels, tomaten, rode bieten, kersen of peren kunt u bij 180° C in de oven laten inkoken. In goed afgesloten weckpotten kunt u ze zo enkele maanden bewaren.
  • Jam maken: Zelfgemaakte jam is een lekkere afwisseling op brood. Voor de productie zijn de meesten bessen- en fruitsoorten en citrusvruchten geschikt.
  • Inmaken: In azijn, olie of pekel – groente en fruit blijven in deze conserverende vloeistoffen langer lekker. Komkommers, radijsjes, paprika, uien, rode bieten en courgette kunt u bijvoorbeeld heel goed in zuur of olie inmaken.
  • Vacumeren: Door het vacumeren wordt de inhoud door de luchtdichte afsluiting voor een langere tijd houdbaar gemaakt. Deze moderne methode voor het langer houdbaar maken van eten kan voor de meeste groente- en fruitsoorten worden gebruikt.

Denk er echter wel aan dat u genoeg plek nodig heeft om al uw voorraden voor de winter op te slaan.

Conclusie

Met de juiste planning verandert u uw tuin heel eenvoudig in een zelfvoorzienende moestuin. Let erop dat u de bedden optimaal aanlegt, om het tuinierswerk te verlichten en uw gewassen de beste groeiomstandigheden te bieden. Wanneer u als beginner eerst aan een succesvolle groente-oogst wilt proeven, kunt u het beste klein beginnen en ieder jaar iets groter worden. Zo behoudt u het overzicht en kunt u ieder jaar trots zijn op nieuwe succesvolle oogsten.

Bronnen:

https://www.gardena.com/be-nl/tuin-leven/tuin-magazine/je-eerste-moestuin-zo-begin-je-er-aan/
(geraadpleegd op 26-04-2021)

https://www.convivium.be/combinatieteelt-de-hel-een-zegen
(geraadpleegd op 26-04-2021)

https://www.tuindoos.be/blog/een-moestuinplan-opstellen/
(geraadpleegd op 26-04-2021)

https://www.biogroei.be/kenniscentrum/oogsten
(geraadpleegd op 26-04-2021)

Bronnen van de afbeeldingen:

iStock.com/Jay Yuno

iStock.com/Zbynek Pospisil